Met tweeën in bed
Twee veiligheidsmensen blokkeren plots de toegang tot de afdeling  neurologie. Een clown in een Roemeens ziekenhuis is verdacht. Het is  ‘s avonds 21.00 uur.  Zojuist heb ik met Anca en Tatjana 2,5 uur  gereisd over zandweggetjes, geasfalteerde gatenkaaswegen en ook een paar kilometer gewone weg. We komen uit het dorpje Valea Screzii en  willen op bezoek bij de verstandelijk gehandicapte Luminitza  (lichtpuntje). De beide medewerkers van Father Tanase weten de  veiligheidsmensen te overtuigen van mijn clowneske onschuld. Een fikse  verpleegster foetert 5 bezoekers de ziekenhuiskamer uit om ons tot  Luminitza toe te laten. De moeizaam klanken voortbrengende teener  huilt van vreugde als ze ons ziet. Ze ligt bij een volwassen vrouw in bed. Er is een beddentekort in dit ziekenhuis van Boekarest. De kamer waarin 5 bedden staan en 2 ligbanken is bevolkt door 9 mensen en 8  bezoekers; de 5 weggestuurde mensen zijn al weer terug.  Luminitza is  gisteren plotsklaps opgenomen nadat maanden lang de doktoren in een  plaatselijk ziekenhuis op een half uur rijden van Valea Screzii haar  hoofdpijnen hadden toegewezen aan haar verstandelijke handicap. In  Boekarest is onder zware druk van Father Tanase een plaatsje voor haar  ingeruimd, weliswaar bij een ander in bed. Na een eerste onderzoek  verontschuldigen de doktoren zich, het blijkt een grote kwaadaardige  tumor. Ze zal de volgende week worden geopereerd. Waarschijnlijk  blijft ze blind, doof, mogelijk verlamd. Om 13.00 uur die nacht ben ik terug in Valea Screzii na een dodenrit  door donker Roemenië, waar onverlichte paardenkarren, koeien en  voetgangers de tweebaanswegen delen met stinkend vrachtverkeer,  Mercedessen en Dacia’s. Gelukkig zijn de kippen al op stok.

Valea Screzii en de Kruimeltjes van Roemenië
Met 1113,06 euro die overbleven uit een eerdere lezersactie in 2002 van Groot Eindhoven, aangevuld met 600 particuliere euro’s en nog wat uit eigen zak, arriveren mijn collega musicus Paul van der Heijden en onze Roemeense vertaalster Linda Loonen en ik na een vermoeiende rit  van 3 dagen diep in de Roemeense bergen. Via onverharde kuilen, gaten  en bobbels hobbelen we Valea Screzii binnen. Herders begroeten ons,  hun koeien bellen. Dan komen ze van meerdere kanten aangesneld, de  ‘abandoned children’ van Roemenië, waarvan er zo’n 200 in de leeftijd van 0 tot 25 jaar onderdak hebben gevonden in de dorpjes Valea Screzii  en Valea Plopului van Father Tanase (priester in de Roemeens orthodoxe  kerk). De meiden uit het meidenhuis met hun scheve en half rotte  tanden lachen naar ons met de mooiste lach die ik ooit mocht  ontvangen...; het “Roemeense Kruimeltje” George slaat zijn armen om me  heen en Linda en Paul worden met onverstaanbare vragen bestookt. Volop wordt geïnformeerd naar de andere 10 Brabantse artiesten met wie ik  vorig jaar het theaterproject Droomkracht mocht opzetten. Ze zijn er  dit jaar niet bij wegens geldgebrek voor reis en materialen. Gelukkig dat schilder Kuijten, een bevriend verhalenvertelster en de Albert  Heijn met wat materialen sponsorde. Hiermee kunnen we in kleinere  opzet toch zo’n 90 kinderen een week lang de kracht van theater en fantasie laten meemaken. Droomkracht 2003. Waar vorig jaar het verhaal  van de terugkeer en genezing van de verloren gewaande koningin de twee  dorpen in hun en onze ziel raakte, zal dit jaar de droom uit mijn voorstelling Het Maskermannetje de inspiratie tot een wederzijdse  ontmoeting vormen.

Het Maskermannetje
Met George en zijn zusjes gaat het goed. Na jarenlange mishandelingen  door hun intussen overleden vader werden ze zwervend met hun aan alcohol verslaafde moeder in de straten van Brasow aangetroffen en door Father Tanase in dit dorp opgenomen. Sinds een paar maanden hebben zij een nieuwe moeder.  Goedlachs wordt er dag in dag uit met me geflirt, word ik in de luren gelegd, worden er loeren gedraaid en ben ik getuige van hun stille geluk... een thuis. De andere meiden tussen de 14 en 25 jaar praten 6 dagen lang honderduit. Met een paar woorden Italiaans en de taal van voeten en handen en met de mimiek die een clown eigen is beantwoord ik al hun vragen en raak keer op keer ontroerd door hun lach met die scheve tanden. Hoewel de meiden in het dorp berucht zijn om hun plotse onverklaarbare woede-uitbarstingen, worden we overstelpt met aandacht. Met name de dagen na het spelen van de voorstelling lijken de meiden in niets meer op die ze ooit waren in de weeshuizen en in de straten van Boekarest. De twee voorstellingen spelen we in de mooiste openluchttheaters. Tegen een helling met boomstammen als tribune en een sterrenhemel als overkapping. Overigens na eerst alles vanwege plotse regen te hebben moeten afbouwen en vervolgens in 2 uur weer te hebben moeten opbouwen. De tweede voorstelling in een weiland wordt muzikaal begeleid door honderden krekels. Het publiek bestaat naast de ‘abandoned children’ uit ‘normale’ dorpskinderen en hun ouders. Dat de voorstelling in het hart raakt blijkt wanneer beeldensnijder Radou na afloop 7 maal om het decor loopt, hardop mompelend ‘c’est  formidable... c’est formidable...c’est...”.

Kurkentrekker
‘s Avonds om 12 uur, wanneer de bus na 2,5 uur decor afbreken is ingeladen en met vereende krachten uit de modder is geduwd, praten we met Father Tanase na. Een fles wijn wordt geopend met behulp van mijn accuboormachine. Een kurkentrekker is niet aanwezig. De plannen van Father Tanase zijn het bouwen van nog meer huizen voor verweesde kinderen, mishandelde kinderen, voor jonge vrouwen die gevlucht zijn om niet illegaal met breinaalden geaborteerd te worden, voor kinderen van ouders met zware alcoholproblemen. Deze kinderen krijgen naast onderdak en eten tevens scholing. De oudere kinderen wordt een vak geleerd en vrouwen vanaf 16 jaar wordt een weeskind toegewezen en geleerd er moeder voor te zijn.

Father Tanase is tegen adoptie naar andere culturen en fulmineert tegen de druk van de Nederlandse en Israëlische regering om kinderen af te staan aan homofiele echtparen. Kern van zijn betoog is verder dat vanuit de Roemeense orthodox religieuze cultuur een veel grotere inspiratieve bindende kracht uitgaat dan vanuit een maatschappij met een materialische inslag. In deze discussie kan en wil ik me niet mengen. Enerzijds vanwege mijn gebrekkige Frans en anderzijds vindt hier in deze discussie een botsing van culturen plaats, waarvan ik me afvraag of in een uur tijd een verschil van eeuwen tot elkaar gebracht kunnen worden. En is het respect dat we voor elkaar hebben niet meer waard om gekoesterd en stap voor stap uitgebouwd te worden, dan om de verschillen van inzichten met heftige argumenten te benadrukken. Boeiend is in ieder geval dat we dezelfde kinderen weten te bereiken, ieder geïnspireerd vanuit eigen liefde voor het leven en haar mogelijkheden. Om half twee ‘s nachts rol ik mijn bed in. Father Tanase moet om 4 uur alweer op voor zijn ochtendienst die tot 8 uur zal duren. Daarna volgt zijn dagprogramma waarin de bouw van nieuwe huizen wordt besproken, een vrachtwagen met hulpgoederen (waaronder drinkwater) wordt uitgeladen, zijn kapotte wagen in Boekarest moet worden gerepareerd en opgehaald en tevens Luminitza wordt bezocht, een oude huilende weduwe wordt bezocht (een koe heeft het hele maïsveld van de oude vrouw vernield) enzovoort enzovoort. Paul, Linda en ik met de hulp van 3 Roemeense vrijwilligers, geven naast 2 voorstellingen, 5 dagen lang workshops verdeeld over 90 kinderen. Dit mondt op de laatste dag uit in een parade door de enige straat van het dorp. Eerst wordt ‘s avonds op de enige videorecorder uit het dorp (de tweede is kapot) gekeken naar videobeelden van Droomkracht 2002. Daarna volgt in het schemerdonker een parade met zelfgemaakte lampions, zelfgemaakte maskers en met muziek van Paul. Het gaat er met regelmaat ruw aan toe. De herders die de afgelopen dagen getrouwd leken met hun koeien, willen ook meedoen maar zijn dikwijls ruw naar de kinderen. Gejoel en gefluit overheersen de muziek van Paul. En dan is er even plotseling weer die serene rust. Aan de trappen van het kerkje wordt Droomkracht 2003 afgesloten door gezamelijke gebeden en gezangen. De pater vertelt een oud verhaal over een beeld van Maria met het kindje Jezus in de arm. Een clown vertoont zijn kunsten voor het beeld. Dorpelingen spreken hier schande van. Totdat Jezus in Maria’s armen begint te lachen. De pater vervolgt: “Wie zijn wij om de clown niet in onze harten toe te laten ?”  Theater en religie hebben elkaar in dit dorp gevonden. Misschien dat enkele van de ‘abandoned children’ met muziek van Paul, het licht uit Linda’s lampionnen en met mijn clown in hun hart durven dromen, dromen van een zelf te kiezen toekomst zoals in Het Maskermannetje. Met de warmte die zij ons hebben gegeven kan ik het in ieder geval wel. En misschien  ontmoeten we elkaar volgend jaar nog een keer, als lezers van dit blad  het mede mogelijk maken.

Arno Huibers

Reisbrief van een clown 2013 – in de EU en nu?
Het achterland van Roemenië 24 jaar na de revolutie. 28 augustus – 5 september.

Lees meer...

Reisbrief van een clown / Arno & Patch Adams
Op uitnodiging van de Amerikaanse arts-clown Patch Adams neem ik deel aan een grootschalig clownsproject in de sloppenwijk Belen, in de stad Iquitos in het hartje van het Amazonegebied van Peru. In Belen wonen 80.000 mensen in de meest mensonterende omstandigheden.

Lees meer...

Reisbrief van een clown - Droomkracht 2003
Twee veiligheidsmensen blokkeren plots de toegang tot de afdeling  neurologie. Een clown in een Roemeens ziekenhuis is verdacht. Het is  ‘s avonds 21.00 uur. 

Lees meer...

Reisbrief van een Cliniclown - 2001
Een hand als een Roemeense kolenschop aait traag en onhandig mijn wasbeertje. Een plompe man ligt gekruld in een te klein bed op zo’n zweetmatras. Zijn ogen zijn onophoudelijk gericht op mijn handpop.

Lees meer...

Reisbrief van een Cliniclown - 1994
Fragmenten uit het dagboek van Arno Huibers ten tijden van zijn werken als Cliniclown in Roemeense ziekenhuizen.

Lees meer...

Contact

Eindhoven - Nederland
Tel: +31 (0)40 2814602
e-mail: info@arnohuibers.nl
KvK nr: 17247421